Livigno is vlak bij, je keert terug om je spullen op te halen en dat stukje van de wereld achter te laten dat een wit, ijskoud kluwen stuifmeel lijkt dat uit het hoge Noorden aan is komen dwarrelen. Je keert terug om een wereldbekerwinnaar de draag van zijn dagelijkse bezigheden en zijn skischool weer op te laten nemen, om afscheid te nemen van een wagen die je het evenwicht tussen dierlijkheid en schoonheid van binnen uit liet ervaren. Je laat een gedicht achter dat op een met sneeuw bedekte helling is geschreven, een laag sneeuw die hoger is dan jij zelf.

Naast je weerklinkt muziek. Een dj vertaalt in noten alle geluiden die jij in deze bovenmenselijke, vlekkeloze tijd hebt geleefd tussen sneeuw en hemel, mens en wagen.

Eén vraag rest nog. Of er andere elementen zijn die zo bereidwillig zijn om het perfecte terrein te worden voor de dans en poëzie van mens en wagen. Maar daar is tijd voor. Reizen blijf je doen.