Bijna uitdagend rijst het noordelijke gedeelte van het eiland op uit olijfboomgaarden en groene vlakten. Meter na meter zwoegt het zich naar boven zoals een fietser een berg beklimt. De mooie roodkleurige aarde is eerst bedekt met linden, dan met eiken en naaldbomen en verandert ten slotte in hoge okeren rotsen waartegen de golven slaan.

Plots houdt de berg op. De wind steekt op en je ziet met eigen ogen hoe hij is ontstaan: de rotswand is indrukwekkend. Het eiland is een door de aarde aan de golven opgedragen monument.

De kustlijn is loodrecht en complex. We houden hier even halt en hernemen ietwat zuidelijker onze tocht, maar altijd op een plek tussen land en zee. Hier ben je ten volle getuige van de eeuwige  verandering: land en zee, vrije en potentiële energie, hoogte en vlakke horizon.