Eenmaal op de top ziet de scène er anders uit. De motor bedaart, je hart klopt minder snel, het landschap wordt wijder: je voeten staan nu op de lijn die je vanaf de start hebt gevolgd, de lijn die het wit scheidt van het blauw. Hoe ver weg leek die lijn eerst… maar het is eigen aan de mens te hunkeren naar overgang.

Je hebt de top bereikt om mee te maken wat daar te gebeuren staat. Hier ben jij alleen, en ik ook, om je met mijn fluisterende woorden te helpen zien. De Alpenkroon strekt zich rondom je uit en de witte Drietand van de Levante vervolledigt het tafereel als een portret dat door de mens is opgedragen aan de ruwe kracht van rotssteen. Naast de nu bewegingloze wagen - stil als een roofdier dat zich klaar maakt om zijn prooi te bespringen - staat een man die je vaak hebt gezien maar nooit eerder hebt ontmoet. Je zag hem door de sneeuw zoeven, de zwaartekracht uitdagen, racen in super-G's net zoals Odysseus die op de vlucht ging voor de cycloop aan wie hij zei dat hij Niemand heette. En hier, in dit Alpenlandschap, op een hoogte van 2400 meter, op een dag in februari van het jaar 2021, wordt Niemand de synthese van vernuft en intelligentie, van het instinct, de kracht en de ambitie waaraan de Maserati Levante Trofeo en Giorgio Rocca, wereldbeker slalom in 2006, gestalte geven: laat de dans beginnen.